Antenne beleid Nederland

Antenneregister ook voor radiozendmateurs

Door PA1NL

Inleiding en samenvatting In de Staatscourant is officieel bekend gemaakt dat zendamateurs die een antenne gebruiken dienen te worden opgenomen in het zogenaamde antenneregister. Ongerust hoeven we hier niet van te worden. De enige informatie die wij zendamateurs zullen moeten doorgeven is de locatie waar de antenne zich bevindt. Verder niets. Geen antennetype, geen vermogen, geen antennehoogte. Ook als zendamateurs een binnenantenne gebruiken dient dit te worden gemeld. Het gaat dus alleen om antennes die ook voor zenden worden gebruikt. Dit betekent dat luisteramateurs geen melding hoeven of kunnen doen ten behoeve van het antenneregister.

Opmerkelijk is dat er geen onderscheid wordt gemaakt tussen tijdelijke en permanente locaties. Dit roept vragen op die door het artikel in de Staatscourant niet beantwoord worden. In Artikel 20b 1. a) en b) wordt wel gesproken over vaste locaties maar dit artikel is niet van toepassing op zendamateurs; voor hen is Artikel 20b 1. c) van toepassing.

Hieronder vindt u een samenvatting van de officiële bekendmaking van het besluit in de Staatscourant. Veel leesplezier en vergeet daarbij toch vooral niet veel verbindingen te maken.

Het plan

Sinds 14 december 2009 is de Telecommunicatiewet gewijzigd. De overheid is op het gelukzalige idee gekomen om ook de antennes van zendamateurs op te nemen in een register. Zendamateurs maken gebruik van de frequentieruimte en derhalve dient opname in dit register te geschieden. De inwerkingtreding is gebeurd per 1 januari j.l. maar het Agentschap Telecom heeft drie maanden tijd om een en ander te realiseren.

Bestaansreden antenneregister

De redenen om te komen tot een antenneregister zijn de volgende:

Maken beleid Dit antenneregister is volgens de overheid benodigd als instrument bij het maken van het antennebeleid.

Internationale en Europese regelgeving De wens te komen tot een antenneregister sluit aan bij de verschillende internationale en Europese ontwikkelingen omtrent het informeren van burgers over de milieubelasting in de leefomgeving.

Wens 2e Kamer In een Algemeen Overleg met de Tweede Kamer op 7 december 2004 over UMTS-antennes is kamerbreed de wens geuit om het register te verbeteren en informatiever te maken. Men vond dat de roep om een compleet en actueel register voor het informeren van burgers omtrent antennes in de leefomgeving, groter was geworden.

Huidige visie van de overheid op de relatie veldsterkte op gezondheid

Op basis van de huidige stand van de wetenschap zijn er geen aanwijzingen om aan te nemen dat de veldsterkte van antennes in de publieke leefomgeving een nadelig effect heeft op de gezondheid. Toch bestaat er – volgens de overheid - een groep mensen die zich zorgen maakt over eventuele gezondheidseffecten. Daarom is het belangrijk dat men vrijelijk toegang tot deze informatie heeft.

Geschiedenis van het antenneregister

Het huidige register is destijds tot stand gekomen na de ondertekening van het convenant tussen de ministers van Verkeer & Waterstaat en Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, de VNG en de vijf mobiele operators, over het vergunningvrij plaatsen van antennes met een hoogte minder dan vijf meter (GSM en UMTS). In de bijlage van dat convenant is opgenomen welke gegevens de operators hiertoe verstrekken aan het Antennebureau van Agentschap Telecom.

Uitzonderingen

Antennes in gebruik bij overheidsorganen die een taak uitoefenen op het terrein van politie, justitie of veiligheid zullen niet in het antenneregister worden vermeld.

Consequenties voor zendamateurs

Let op: Bij het lezen van het officiële artikel in de Staatscourant is Artikel 20d van toepassing en niet 20c. Betreffende de zendamateurs dienen 2 zaken te worden gemeld.

Artikel 20d 1.a). De locatiegegevens De locatie van de antenne-installatie, met een nauwkeurigheid van 15 meter aangeduid met toepassing van het World Geodetic System 1984 (WGS84 is een standaard voor navigatie en plaatsbepaling). Deze informatie is duidelijk en eenduidig. Deze informatie dient de zendamateur zelf te melden. Opgemerkt kan nog worden dat het aanvankelijke plan was een nauwkeurigheid van 3 meter te doen opgeven, maar na bezwaren van de overlegpartners is de locatienauwkeurigheid aangepast tot 15 meter.

Artikel 20d 1.b). Het type registratie Hier gaat het niet om het type antenne maar er wordt verwezen naar het type examen dat door de zendamateur is afgelegd. In gewone taal: het type machtiging: F of N. Deze machtiging heeft immers een directe relatie tot de frequentiebanden met het vermogen dat de betreffende radiozendamateur mag gebruiken. Deze informatie wordt bij het registerbureau aangeleverd door het Ministerie van Economische Zaken i.c. het Agentschap Telecom.

Artikel 20d 2 Aanleveren gegevens door de zendamateur In dit artikel staat de feitelijke verplichting tot aanleveren van alleen de locatiegegevens aan het antennebureau.

Artikel 20d 3 Aanleveren gegevens door Ministerie van Economische Zaken aan het antennebureau Met dit artikel is het Ministerie van Economische Zaken gerechtigd tot aanleveren van de gegevens van de zendamateur aan het antennebureau. Dit artikel verwoordt

 

dat Ministerie van Economische Zaken de Wet Bescherming Persoonsgegevens (WBV) niet overschrijdt bij het verstrekken van de gegevens van zendamateurs aan het antennebureau. Deze gegevens worden dus niet door de zendamateur aangeleverd maar door Ministerie van Economische Zaken.

Bronnen

Het artikel uit de Staatscourant is te downloaden via de volgende link https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stb-2009-560.html Met name de toelichting verschaft goede informatie. Nogmaals wijs ik er op dat het artikel dat betrekking heeft op zendamateurs Artikel 20d en niet Artikel 20c.

Wikipedia WGS84 http://en.wikipedia.org/wiki/Geodesy